Geen cel maar taakstraf, deal tussen sjoemelende mestvervoerder en justitie
De deal tussen het OM en Daas werd vrijdagochtend besproken tijdens een zitting van het gerechtshof ’s-Hertogenbosch, over het hoger beroep in de mestfraudezaak.
De zaak kent een lange aanloop. Tussen 2016 en 2018 overtrad Daas de meststoffenwet en pleegde valsheid in geschrifte. De eigenaar liet een half miljoen tot een miljoen kilo aan fosfaten ‘verdwijnen’. Bij de behandeling van de eerste rechtszaak, in 2019, zei de officier van justitie dat Daas chauffeurs opdracht had gegeven om het laad- en lossysteem te manipuleren. Bij de uitspraak in oktober 2019 oordeelde de rechtbank dat Daas twee jaar de cel in moest, waarvan één jaar voorwaardelijk. Ook moest de directeur een boete betalen van 50.000 euro.
Deal
In de deal die vrijdagochtend werd besproken, erkennen het OM en Daas dat laatstgenoemde zich schuldig heeft gemaakt aan het overtreden van de Meststoffenwet en aan valsheid in geschrifte. Een woordvoerder van het OM zegt na de zitting tegen Omroep Brabant dat er in dit geval is gekozen voor een deal, vanwege de gevolgen die de strafzaak al voor de verdachten heeft gehad.
“Als gevolg van de strafzaak zijn vergunningen voor de bedrijfsvoering door verdachten ingetrokken, verdachten hebben forse boetes moeten betalen aan overheden en de Belastingdienst. Ook hebben verschillende klanten de rekeningen aan verdachten niet betaald”, aldus de woordvoerder van het OM.
Ook heeft Daas 'zijn mestbedrijf met alles wat daarbij hoort met enorm verlies verkocht en is hij inmiddels niet meer werkzaam in de sector. Daarnaast is er de nodige tijd verstreken sinds de gepleegde feiten. Gelet op het tijdsverloop en de gevolgen van de strafvervolging voor verdachten, werd een andere afdoening passend geacht', aldus de woordvoerder.
Woo-verzoeken Omroep Brabant In juli 2023 diende Omroep Brabant Woo-verzoeken (Wet open overheid) in bij de NVWA en bij de gemeente Eersel over de bedrijven van Daas, omdat we wilden weten hoe het toezicht op het bedrijf gaat, of er mogelijk nieuwe overtredingen zijn ontdekt en hoe de overheidsorganisaties daarmee omgaan.
Daas heeft verschillende juridische procedures gestart, om te voorkomen dat Omroep Brabant deze informatie krijgt. Hierover lopen nog enkele rechtszaken. Omdat deze documenten gaan over de periode tot juli 2023, zegt dit niet veel meer over de huidige stand van zaken.
Daarom heeft Omroep Brabant in januari 2025 nieuwe Woo-verzoeken ingediend. Tegen een daarvan is Daas een nieuwe juridische procedure begonnen. Het is niet bekend wanneer hierover uitspraken komen en of, en zo ja, wanneer er alsnog documenten openbaar worden gemaakt.
Richtlijn over gevangenisstraf
Tijdens de zitting zei de advocaat-generaal van het OM dat er een richtlijn is dat als er bij het eerste vonnis in een strafzaak celstraf wordt opgelegd, om daar niet vanaf te stappen als er een overeenkomst wordt gesloten.
Op de vraag waarom daar in dit geval vanaf wordt geweken, zegt de woordvoerder van het OM: “Dat zit met name in de gevolgen van deze strafzaken voor verdachten en de ouderdom van de feiten. De vraag is wat de meerwaarde is van een eventuele (deels voorwaardelijke) gevangenisstraf én hoeveel tijd er weer verstrijkt voordat verdachte die gevangenisstraf dan zou kunnen uitzitten.”
Geen mest uitrijden
De voorgestelde deal houdt in dat Daas 320 uur taakstraf zal uitvoeren binnen achttien maanden en een voorwaardelijke gevangenisstraf krijgt van één jaar, met een proeftijd van drie jaar. Ook moet er een boete betaald worden van 40.000 euro. “Aan die proeftijd is de voorwaarde verbonden dat Daas geen werkzaamheden mag verrichten die verband houden met het voor anderen vervoeren van dierlijke mest. De Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) zal hierop toezicht houden”, aldus de woordvoerder van het OM.
Tijdens de zitting zei de voorzitter van het Hof dat er een mogelijkheid is dat ze nog anders oordelen over de voorgestelde deal. “We gaan het voorstel meenemen in de beoordeling van de zaak. Als het Hof vindt dat deze afspraak niet passend en geboden is, kan het dat zijn dat we een tussenuitspraak doen en de zaak later alsnog inhoudelijk gaan behandelen. Het kan anders lopen, maar dat hoeft niet. We moeten er nog over nadenken”, aldus de voorzitter van het gerechtshof.
De uitspraak volgt over twee weken.